De engste feedback

Ik heb vorige week een van de engste dingen ooit gedaan. Ik heb mijn boek gepubliceerd. Ik heb gezegd, ja het is klaar voor de rest van de wereld om te lezen. En dat is eng!

De reden dat het eng is heeft te maken met feedback. Sinds ik feedback trainingen geef ben ik mij logischerwijs veel bewuster van feedback en het effect dat het op mij heeft. Wat blijkt, het uitgeven van een boek heeft heel veel te maken met feedback. Je wil dat mensen je boek lezen en er iets van vinden. Anders kan je het beter in de la laten liggen. Tegelijkertijd wil je natuurlijk het liefste dat mensen het leuk en inspirerend vinden. Dat ze er iets van leren en tegen anderen vertellen dat ze het ook moeten lezen.

Ik weet dat er mensen zijn die het boek met plezier zullen lezen en die dat aan anderen, en hopelijk ook aan mij, gaan vertellen. Maar ik weet ook dat er mensen gaan zijn die het niet interessant of goed genoeg zullen vinden en dat gaan zeggen. In mijn hoofd weet ik dat dit ok is. Niet iedereen vind hetzelfde leuk, en het is niet mogelijk om het iedereen naar de zin te maken. Toch is dat niet het enige dat het eng maakt.

Ik ben denk ik het bangste dat ik geen feedback krijg. Want linksom of rechtsom, als mensen de moeite nemen om iets te zeggen over mijn boek, positief of negatief, dan heb ik ze geraakt en ik kan er iets van leren. En daar draait het om. En als je er zo naar kijkt is feedback altijd goed.

Dus kom maar op met die feedback!

(Om feedback te kunnen geven moet je het natuurlijk wel eerst lezen ;-). Het boek is bij mij te koop of hier te bestellen)

facebooktwitterlinkedin

De innovatie van broodbeleg naar cheesecake

Vorige week was ik nogal onhandig in de keuken. Ik was druk en wilde alles snel doen. En zoals te verwachten, er ging van alles mis. Gek genoeg is bij mij ook juist het apparaat dat ik gebruik om sneller te zijn vaak het probleem. De keukenmachine dus. Als ik hem al niet half laat ontploffen omdat ik hem probeer te gebruiken als blender stop ik er iets in dat daar niet tegen kan.

En dan begint het. Want het is toch jammer om vloeibare knoflook-roomkaas weg te gooien. Dan moet je er iets anders van maken. En dat vraagt anders kijken naar je oorspronkelijke plan. Loslaten wat je eigenlijk wilde doen, kijken naar de situatie en het doel en iets anders, iets nieuws, verzinnen.

Eigenlijk moet je even een ministukje innovatie in de keuken doen. Innovatie, een term die je overal hoort en iets dat je moet doen. Anders gaat het niet lukken als bedrijf in deze snel veranderende wereld. We denken dan aan nieuwe technieken en start-up’s met hipsters die in korte tijd miljoenen verdienen. Hoe ga je dat ooit in je eigen organisatie doen? Gelukkig hoeft innovatie niet altijd zo extreem te zijn. Ook het verzinnen van een verbetering of voor jouw organisatie nieuw product kan al een innovatie zijn. Ook het anders aanpakken van een proces of bijv. het op een nieuwe manier hergebruiken van een afvalproduct is al een innovatie.

Stelregel, je verbeterd en veranderd door op een andere manier tegen jouw wereld aan te kijken. En gelukkig zijn er ook veel mensen en bedrijven die dat doen zonder heel hip te zijn of miljoenen te verdienen. Sterker, er zijn juist ook veel belangeloze mooie verbeteringen die anderen helpen. Rugzakken van rubberboten voor vluchtelingen (http://itworksshops.org/), een combinatie van jas en slaapzak voor daklozen (http://www.sheltersuit.com/) of stroom uit tomatenafval (http://www.kijkmagazine.nl/nieuws/rotte-tomaten-gaan-stroom-leveren/ ). Er is zelfs een innovatie top 100 (http://www.mkbinnovatietop100.nl/).

Mijn tijdelijke innovatie van een roomkaas-knoflook smeersel voor op brood naar een hartige cheesecake verdient dergelijke eer niet. Op internet staan stapels recepten. Maar hij was wel lekker genoeg om vaker te maken dus bij deze het recept J.

Recept hartige knoflook-cheesecake

Voor het kaasmengsel

– 2 bakjes roomkaas (400 gram)
– 2 tenen knoflook
– 4 eieren
– 1 Eetlepel maïzena
– 2 Eetlepels water
– 100 gram geraspte harde kaas (bijv. pecorino of parmezaanse kaas)
– 1 Handje gehakte peterselie

Voor de bodem:

200 gram bloem (evt. volkorenmeel)
130 gram koude roomboter
halve theelepel zout

Werkwijze:

  1. Doe de bloem en het zout in een kom.
  2. Snijd de boter in kleine stukjes en doe deze bij de bloem.
  3. Meng met je vingertoppen de boter en de bloem door elkaar. Op een bepaald moment blijft het mengsel in grove kruimels aan elkaar plakken. Als dit niet lukt kan je een eetlepel water toevoegen of iets meer boter gebruiken.
  4. Stort de kruimels in een ingevette bakvorm en verdeel ze over de bodem van de vorm.
  5. Druk de kruimels op elkaar zodat het een plak deeg wordt.
  6. Bak de 25 minuten op 180 graden.
  7. Maak het cheesecake mengsel door de roomkaas, knoflook, eieren en de geraspte kaas in de keukenmachine tot een vloeibaar mengsel te mengen.
  8. Doe de eetlepels maïzena in een beker en voeg twee eetlepels water toe.
  9. Meng de maïzena en het water met een vork tot er een witte vloeistof ontstaat en doe deze bij het mengsel.
  10. Voeg als laatste de peterselie toe.
  11. Haal de bodem uit de oven en doe het cheesecake mengsel er bovenop.
  12. Bak 45 minuten op 160 graden.
facebooktwitterlinkedin

Knippen langs het onzinnige stippellijntje

20160215_134843Ik knipte net een pak polenta open. En keek pas daarna op het pak. Wat bleek, ik had langs het lijntje moeten knippen. Wie verzint dat? Een exact stippellijntje voor iets dat ook heel prima werkt als je het iets hoger of lager afknipt. Wat zegt dat over de makers van deze verpakking? En wat zegt mijn irritatie over dit stippellijntje over mij?

De automatische opstandigheid die ik voel als ik een onzinnig stippellijntje voorgeschoteld krijg is groot. Het is een regel die nergens op slaat. En waarvoor? Zouden er mensen zijn die zonder stippellijntje niet zouden weten hoe ze een pak polenta moeten openknippen? Zijn er ooit klachten binnengekomen van mensen die verkeerd geknipt hebben? Een pak polenta over de vloer is geen aanrader maar ik kan mij niet voorstellen dat je dat voor elkaar krijgt als je een schaar gebruikt.

Het is de overbodigheid die me de das om doet. Instructies moeten nodig en nuttig zijn. Anders is het alleen maar ballast. Onzinnige instructies en regels beperken zich helaas niet tot verpakkingen. Er zijn stapels regels, waarschuwingen en instructies die hier aan meedoen. Zowel op producten als in organisaties. Vaak ingegeven door angst voor klachten of fouten. Ze doen niets voor de kwaliteit van het product, maar er is wel tijd en energie aan besteed. Tijd en energie die ook besteed had kunnen worden aan echte problemen of echte oplossingen.

De polenta was wel lekker, want ondanks dat het geen 15 minuten kostte (lees mijn vorige blog “oneigenlijke efficiëntie in de keuken”) zijn de recepten van Jamie erg lekker!

20160215_183140

facebooktwitterlinkedin

Oneigenlijke efficiëntie in de keuken

849_1_1420713376

Wij waren laatst bij vrienden en zij hadden het 15 minuten kookboek van onze Engelse vriend Jamie Oliver. Een leuk kookboek dat tot mijn grote vreugde ook mijn man des huizes inspireerde. Je raad het al, de al uitgebreide verzameling kookboeken is afgelopen week aangevuld met een nieuw exemplaar.

Best handig, in 15 minuten een gezond gerecht op tafel zetten en er zitten echt leuke recepten bij. Toch heb ik wel een bezwaar. De efficiëntie die je in de keuken wint verlies je voor een deel in voorraadbeheersing en winkeltijd. Jamie maakt namelijk gebruik veel verschillende ingrediënten. Hij kiest voor een combinatie van verschillende groenten en hij gebruikt verse kruiden. Hij voegt losse sausjes toe en zorgt voor een knapperig element door een handje chips, croutons of iets anders lekkers toe te voegen. Een ander heel positief punt is dat hij veel groente gebruikt en in gehaktrecepten het vlees vaak voor een deel vervangt met peulvruchten zoals linzen of bonen. En dat is lekker, gezond en handig als je wat minder vlees wilt eten.

Het nadeel is, de rek moet ergens vandaan komen. Als je snel wil koken moet je investeren in de rest van het proces. Je bent in de voorbereiding van het koken dus extra tijd kwijt. Eerst zoeken of je de ingrediënten misschien in huis hebt. Daarna moet je in de winkel veel verschillende dingen zoeken en voor je gaat koken moet je van alles eerst klaarzetten voordat de klok begint te lopen.

En de volgende dag heb je een halve krop sla, een kwart komkommer, een paar tomaten, een halve rode peper, wat kruiden en een half blik van het een of het ander over. En daar moet je dan de iets anders mee verzinnen. Gelukkig ben ik dol op receptloos koken met restjes  :-). En het gaat nog sneller ook omdat ik niet hoef te lezen en een paar handige tips heb gekregen van Jamie.

15 minuten rijst met groenten (van Jamie) (zie voor het hele recept http://tinyurl.com/z6k4spg )

Bijgerecht voor 4 personen

Ingrediënten:

1 mok snelkook(zilvervlies)rijst
5 kardemonpeulen
200 gram sperziebonen
200 gram diepvriesdoperwten

Doe 1 mok rijst, twee mokken kokend water en de kardemonpeulen in een braadpan. Dop en snijd de boontjes doormidden en doe die erbij. Doe de deksel op de pan en laat dit ongeveer 10 minuten koken. Haal het deksel van de pan en doe de doperwten erbij en roer alles goed door elkaar. Laat het nog een paar minuten op het vuur staan. Proef om te zie of alles warm en gaar is.

facebooktwitterlinkedin

Veranderen, het is net Bananenbrood

Ik bak de laatste tijd regelmatig bananenbrood. Dat is natuurlijk hartstikke hip maar eigenlijk komt het vooral doordat bananen zo snel overrijp worden in de zomer. Maar daar kan je dan wel weer lekker bananenbrood van maken. Als je het goed doet tenminste…. Ik heb al eerder geschreven dat ik niet zo goed kan bakken en dat heb ik gisteren weer bewezen. Van de buitenkant zag het er prachtig uit maar aan de binnenkant was het klef, droog en zompig tegelijkertijd. Een schoolvoorbeeld van een misbaksel. Eigen schuld, dikke bult, had ik maar een recept moeten gebruiken.

Het deed me denken aan verandermanagement en reorganisaties. Ook hip, bijna elke organisatie doet het wel eens en sommige organisaties lijken er zelfs niet mee te kunnen stoppen. En aan de buitenkant ziet het er vaak best goed uit. Maar tegen de tijd dat het gesneden en opgediend is blijkt het niet eten. De boel is flink door elkaar geklopt en daarna is het de bedoeling dat iedereen weet wat er gedaan moet worden. En dat werkt vaak niet. Het leek een leuk plan maar tegen de tijd dat het uit de oven komt is het toch niet helemaal geworden wat je had verwacht.

Ook voor veranderen heb je een recept nodig. Je moet niet alleen een beeld van het eindresultaat hebben, je moet ook weten hoe je dat bereikt. En het beeld dat je van het eindresultaat hebt moet niet alleen van de buitenkant zijn, je moet ook weten wat er moet veranderen aan de binnenkant. Bij de mensen zelf. Alleen dan heeft het kans van slagen.

De volgende keer gebruik ik maar weer een recept. Het is best zonde om het resultaat van je werk linea recta in de groenbak te laten verdwijnen.

facebooktwitterlinkedin

Sci-fi eten

Vandaag vond ik een filmpje over een apparaat dat uit gevriesdroogd poeder een maaltijd maakt. Je stopt er een soort cups met ingrediënten in en hij maakt je maaltijd. De eerste versie van de Star Trek replicator. De makers hebben zich ook echt laten inspireren door Star Trek. En dat is niet de eerste keer dat er ideeën uit de science fiction  worden gebruikt voor nieuwe uitvindingen. De tablet zat al in Star Trek voordat hij was uitgevonden en ook bijv. stemherkenning door de computer bestond op TV al in de jaren 60 van de vorige eeuw.

Hoe komt dat toch, dat sci-fi een goede voorspeller is? Of moet je het geen voorspeller noemen en komt het Star Trek effect juist doordat we spullen al herkennen en dus kunnen bedenken hoe handig het zou zijn als het echt bestond? Wie heeft er nog nooit in de file gestaan en gedroomd over een apparaat dat je zonder reistijd en ongeacht de afstand direct van de ene naar de andere plek kon verplaatsen. Dan kon je overal werken en wonen en….. je snapt het. Mijn fantasie maakt meteen overuren en ik zie mijzelf opeens overal op de wereld en daarbuiten.

Het is mooi je te realiseren dat de creativiteit van de Sci-fi bedenkers de inspiratie van de uitvinders van nu is. Moet je nagaan wat we met zijn allen zouden kunnen bereiken als we allemaal een beetje vaker Sci-fi zouden denken en dat daarna zouden omzetten naar ideeën die we nu kunnen uitvoeren!

En om de daad bij het woord te voegen, hier mijn Sci-fi recept van deze tijd:

  • 1 insectenburger per persoon;
  • Groenten uit eigen tuin of seizoensgroente van de boerderij om de hoek;
  • 100 gram (gemengde) peulvruchten per persoon.

Maak afhankelijk van het soort groenten bijv. een salade met lauwe peulvruchten of een vegetarische bonenschotel. Als je niet weet hoe dit moet, Google een recept dat past bij je ingrediënten. Bak de insectenburgers en serveer tegelijkertijd.

En tot slot een lekkere Le Whaf chocoladedamp toe (eerlijk, het is mogelijk chocolade wel te proeven zonder de calorieën http://www.dailymail.co.uk/femail/food/article-1350817/Le-Whaf-Now-theres-food-dont-eat-INHALE.html ).

Eet smakelijk!

insectenburger

facebooktwitterlinkedin

Avocadosoep, weerstand gegarandeerd

Ik heb te veel avocado’s gekocht dit weekend. En natuurlijk zijn die allemaal tegelijkertijd rijp dus na drie avonden salade gisteren toch maar bedacht wat je verder nog met die dingen kan doen. Soep maken dus. Een leuk receptje gevonden en ik was gisteren echt van plan het vandaag te gaan maken. Maar nu, nu de middag vordert en het avondeten eraan komt, heb ik er toch niet zo veel zin meer in. Ik zit al alternatieven te verzinnen. Toch nog maar een salade doen? En waarom, het idee van warme avocado staat me opeens tegen.

Dat kan gebeuren bij eten, maar ook in organisaties. Bij veranderingen. Zo lang het nog ver weg is lijkt het wel wat. Mensen zijn enthousiast, denken mee en hebben er zin in. Tot het opeens ook echt tijd is om te gaan veranderen. Dan is het vaak toch moeilijker dan van tevoren gedacht. De verandering is groter dan bedacht, het voelt alsof het allemaal wel erg snel moet en vooral, het is toch wel een beetje eng.

Angst willen we liever niet voelen en we willen vooral ook niet toegeven dat we het voelen. Best jammer hoor, want als je toegeeft dat je iets eng vindt. Als je uitzoekt waarom je het eng vindt, dan kan je er veel gemakkelijker mee omgaan. Sterker nog, dan blijkt het vaak toch minder eng dan je dacht.

Misschien wordt het wel slijmerig…… Slijmerig eten is het allerergste. Maar, ik weet dat niet zeker. Daarvoor moet ik het eerst proberen. Dus:

  • 3 avocado’s
  • 750 ml kruidenbouillon
  • 100 ml melk (of slagroom, dat is vast lekkerder maar dat heb ik niet in huis)
  • 10 snack/trostomaatjes

Snij de avocado’s doormidden, haal de pit er uit en lepel het vruchtvlees er uit. Doe het vruchtvlees samen met de melk in een hoge kom en pureer de avocado met de staafmixer glad.

Maak 750 ml kruidenbouillon en meng de warme bouillon met de gepureerde avocado’s.

Snij de tomaatjes in vieren en doe deze er op het bord bij.

Eet smakelijk! (hoop ik)

avocado

facebooktwitterlinkedin

De kracht van de vooronderstelling

Laatst zat ik naar Expeditie Robinson te kijken en daarin was het tijd voor de eetproef. Voor de mensen die dit tv-programma nog nooit hebben gezien; bij de eetproef worden er allerlei lokale lekkernijen zoals bijvoorbeeld levende meelwormen, sprinkhanen of vissenogen voorgeschoteld aan de deelnemers. Dat zijn hongerige BN-ers die al een week of wat op een eiland kokosnoten zitten te eten. Sommige van de kandidaten zien al vanaf het begin van de expeditie op tegen deze proef. Ze weten dat hij komt, omdat hij elk jaar wordt gedaan. Dat geeft leuke televisie en in de editie van dit jaar een bijzonder kijkje in de kracht van de vooronderstelling.

De kandidaat die het meeste had opgezien tegen deze proef was Remy Banjaski. Een stoere man met een grote weerzin voor eng eten. De weerstand was zelfs zo groot dat, toen hij onverwacht een doodgewone hamburger voorgeschoteld kreeg, hij deze niet kon opeten. Zijn hele lijf en wezen kwamen in opstand, omdat hij zichzelf voorhield dat het niet mogelijk kon zijn dat hij een gewone hamburger kreeg.

Iets vergelijkbaars gebeurt in organisaties waar een verandering doorgevoerd wordt. Weerstand is natuurlijk en kritisch zijn is prima. Maar als je jezelf (en de mensen om je heen) er van tevoren van overtuigt dat het niet gaat werken, dat het verspilde moeite is en dat je zeker weet dat het mislukt, dan gaat het ook mislukken. Dan wordt je negatieve vooronderstelling een selffulfilling prophecy. Dan kan je net als Remy de gewone hamburger niet meer zien voor wat het is en dan kan je hem dus ook niet opeten.

Filmpje van deze eetproef zien? Kijk https://www.youtube.com/watch?v=MmYl09aMafQ

cheeseburger-525047_1280

facebooktwitterlinkedin

Out of the box. Zalm met drop.

Er zijn koks die er om bekend staan dat ze heel creatief zijn in het experimenteren met smaak. Ze bedenken niet voor de hand liggende combinaties en zijn daar heel succesvol mee. Heston Blumenthal bijvoorbeeld. Hij heeft op de kaart van zijn restaurant The Fat Duck o.a. in drop gepocheerde zalm staan.

Bij het bedenken van nieuwe dingen hebben mensen de neiging om vast te houden aan de kaders die ze al kennen. Dat is logisch, want alles wat je bedenkt zal een keer weer binnen de kaders moeten gaan passen. Die kaders zijn misschien een beetje op te rekken, maar het moet natuurlijk wel realistisch blijven. Dat kan er voor zorgen dat je in cirkels blijft ronddraaien; je komt niet tot de verbeteringen die je zoekt, maar steeds weer met ongeveer dezelfde oplossing, die eerder ook al niet werkte…

In zo’n geval kan het handig zijn om de kaders een keertje los te laten. Om een keer buiten de gebaande paden te denken. Of, zoals het vaak genoemd wordt “out of the box” te denken. Maar hoe doe je dat? Hoe verzin je jouw zalm met drop? Daar zijn verschillende methodes voor, maar het belangrijkste is dat je de kaders eerst helemaal loslaat. Door bijvoorbeeld door de ogen van Pino of Poetin naar het probleem te kijken. Hoe zouden zij het oplossen? Pas daarna ga je kijken hoe je de oplossing weer binnen de kaders krijgt. Want het is leuk om zalm met drop te serveren, maar als het niet lekker is, komt de klant écht niet terug.

Nieuwsgierig naar de smaak van zalm met drop? Koop een drop- of een zoethoutlikeur. Maak een simpele saus op basis van een roux met witte wijn en visbouillon en doe er een eetlepel likeur in. Ik heb het nog nooit met zalm geprobeerd, maar wel met gewone witvis. Lekker hoor, vis met drop. Venkelsalade erbij en je hebt een prima maaltijd! (En ja, de venkel smaakt ook een beetje naar drop.)

gummibarchen-493089__180

facebooktwitterlinkedin

Een recept? Welnee joh, we moeten flexibel zijn!

Ik ben niet zo goed in bakken. Dat komt omdat ik mij dan precies moet houden aan het proces en dan heb ik het gevoel dat ik beperkt wordt in mijn creativiteit. Jammer genoeg wordt afwijken van het recept vaak bestraft met een baksel dat toch niet helemaal is zoals bedoeld. Dus als ik bak, zal ik mij aan het recept moeten houden. Een van de meest gehoorde redenen wanneer mensen processen niet willen vastleggen, is dat procesbeschrijvingen beperkend werken. Als je processen beschrijft kan je niet meer flexibel werken en het is ook niet goed voor de creativiteit. Het gaat niet altijd precies hetzelfde, dus waarom zou je het dan vastleggen?

Maar als je het niet vastlegt, ga je dus elke keer opnieuw het recept voor soep bedenken, terwijl je bij het maken van soep toch altijd ongeveer hetzelfde doet. Is het dan niet handiger om een algemeen recept voor de soep te schrijven en daarbij aan te geven in hoeverre er mag worden afgeweken van dat recept? Dus om duidelijk af te spreken wanneer je zelf keuzes mag maken over afwijkingen en wanneer daar iemand anders over moet beslissen. Als ik niet weet wat het recept is, kan ik moeilijk bepalen of ik de juiste keuze maak, of de soep lekker wordt en of deze voldoet aan de randvoorwaarden. Maar met een basisrecept en duidelijke afspraken over wat ik moet doen wanneer ik wil afwijken van het recept, wordt dat een stuk makkelijker. Het is toch handig te weten dat de productiekosten van een portie dagsoep maximaal €1.45 mogen zijn en dat je met de eigenaar van het restaurant moet overleggen als het duurder wordt. En dat je, als je vis in plaats van vlees wil gebruiken, met de chef moet overleggen. Omdat de eigenaar daar toch niets van snapt.

Het vastleggen van je processen kan dus de flexibiliteit juist vergroten. Door duidelijke afspraken over wie wat doet, wie er verantwoordelijk is en wie de bevoegdheid heeft om beslissingen te nemen bij afwijkingen, kan je sneller schakelen. Een beschrijving kan een hulpmiddel zijn om dit duidelijk te krijgen en houden. Je moet alleen wel even nadenken over hoeveel je vastlegt en op welke manier je dat doet. Want soms ga je bakken en moet je heel precies zijn. Maar als je soep maakt dan is dat helemaal niet nodig. Dan heb je alleen een raamwerk van groente, water en bouillon nodig waarop je de soep kunt bouwen.

pan met groenten

facebooktwitterlinkedin