Hoe gegevens informatie worden, chocolade maken van mayonaise.

mayonaise2

Kan jij chocolade maken van het ingrediëntenlijstje op de foto? Of eigenlijk, mayonaise. Want dit is de ingrediëntenlijst zoals die op de verpakking staat van een bekend mayonaisemerk. Deze lijst bevat een heleboel gegevens over de ingrediënten die ze in de mayonaise hebben gestopt. Maar tenzij je veel weet over eten en ingrediënten en altijd alle verpakkingen goed bestudeert, zal het meeste hiervan je weinig zeggen. Het blijft een rijtje gegevens en als je niet begrijpt wat ze betekenen, worden deze gegevens geen informatie!

Wanneer ik je nu vertel dat de basis ingrediënten voor zelfgemaakte mayonaise bestaan uit eigeel, mosterd, olie, azijn en zout wordt het al een beetje duidelijker. Dat is herkenbaar in de lijst. Zelfgemaakte mayonaise kan je niet goed in de koelkast bewaren omdat hij gaat schiften wanneer je hem uit de koekkast haalt en hij weer een beetje warmer wordt. Daarom wordt in fabrieksmayonaise een stabilisator toegevoegd. In mayonaise is dat meestal Ethyleendiaminetetra-azijnzuur (EDTA). Als je nu weer naar de ingrediëntenlijst kijkt is er weer een stukje van de gegevens informatie geworden.

Zo werkt het ook in bedrijven. Je kunt stapels gegevens verzamelen en opslaan. Maar zolang het alleen gegevens zijn hebben ze geen toegevoegde waarde. Er moet dus iemand naar “kijken,” en degene die kijkt moet de gegevens begrijpen. De gegevens moeten betekenis krijgen. Pas dan worden ze informatie.

facebooktwitterlinkedin

Out of the box. Zalm met drop.

Er zijn koks die er om bekend staan dat ze heel creatief zijn in het experimenteren met smaak. Ze bedenken niet voor de hand liggende combinaties en zijn daar heel succesvol mee. Heston Blumenthal bijvoorbeeld. Hij heeft op de kaart van zijn restaurant The Fat Duck o.a. in drop gepocheerde zalm staan.

Bij het bedenken van nieuwe dingen hebben mensen de neiging om vast te houden aan de kaders die ze al kennen. Dat is logisch, want alles wat je bedenkt zal een keer weer binnen de kaders moeten gaan passen. Die kaders zijn misschien een beetje op te rekken, maar het moet natuurlijk wel realistisch blijven. Dat kan er voor zorgen dat je in cirkels blijft ronddraaien; je komt niet tot de verbeteringen die je zoekt, maar steeds weer met ongeveer dezelfde oplossing, die eerder ook al niet werkte…

In zo’n geval kan het handig zijn om de kaders een keertje los te laten. Om een keer buiten de gebaande paden te denken. Of, zoals het vaak genoemd wordt “out of the box” te denken. Maar hoe doe je dat? Hoe verzin je jouw zalm met drop? Daar zijn verschillende methodes voor, maar het belangrijkste is dat je de kaders eerst helemaal loslaat. Door bijvoorbeeld door de ogen van Pino of Poetin naar het probleem te kijken. Hoe zouden zij het oplossen? Pas daarna ga je kijken hoe je de oplossing weer binnen de kaders krijgt. Want het is leuk om zalm met drop te serveren, maar als het niet lekker is, komt de klant écht niet terug.

Nieuwsgierig naar de smaak van zalm met drop? Koop een drop- of een zoethoutlikeur. Maak een simpele saus op basis van een roux met witte wijn en visbouillon en doe er een eetlepel likeur in. Ik heb het nog nooit met zalm geprobeerd, maar wel met gewone witvis. Lekker hoor, vis met drop. Venkelsalade erbij en je hebt een prima maaltijd! (En ja, de venkel smaakt ook een beetje naar drop.)

gummibarchen-493089__180

facebooktwitterlinkedin

Een recept? Welnee joh, we moeten flexibel zijn!

Ik ben niet zo goed in bakken. Dat komt omdat ik mij dan precies moet houden aan het proces en dan heb ik het gevoel dat ik beperkt wordt in mijn creativiteit. Jammer genoeg wordt afwijken van het recept vaak bestraft met een baksel dat toch niet helemaal is zoals bedoeld. Dus als ik bak, zal ik mij aan het recept moeten houden. Een van de meest gehoorde redenen wanneer mensen processen niet willen vastleggen, is dat procesbeschrijvingen beperkend werken. Als je processen beschrijft kan je niet meer flexibel werken en het is ook niet goed voor de creativiteit. Het gaat niet altijd precies hetzelfde, dus waarom zou je het dan vastleggen?

Maar als je het niet vastlegt, ga je dus elke keer opnieuw het recept voor soep bedenken, terwijl je bij het maken van soep toch altijd ongeveer hetzelfde doet. Is het dan niet handiger om een algemeen recept voor de soep te schrijven en daarbij aan te geven in hoeverre er mag worden afgeweken van dat recept? Dus om duidelijk af te spreken wanneer je zelf keuzes mag maken over afwijkingen en wanneer daar iemand anders over moet beslissen. Als ik niet weet wat het recept is, kan ik moeilijk bepalen of ik de juiste keuze maak, of de soep lekker wordt en of deze voldoet aan de randvoorwaarden. Maar met een basisrecept en duidelijke afspraken over wat ik moet doen wanneer ik wil afwijken van het recept, wordt dat een stuk makkelijker. Het is toch handig te weten dat de productiekosten van een portie dagsoep maximaal €1.45 mogen zijn en dat je met de eigenaar van het restaurant moet overleggen als het duurder wordt. En dat je, als je vis in plaats van vlees wil gebruiken, met de chef moet overleggen. Omdat de eigenaar daar toch niets van snapt.

Het vastleggen van je processen kan dus de flexibiliteit juist vergroten. Door duidelijke afspraken over wie wat doet, wie er verantwoordelijk is en wie de bevoegdheid heeft om beslissingen te nemen bij afwijkingen, kan je sneller schakelen. Een beschrijving kan een hulpmiddel zijn om dit duidelijk te krijgen en houden. Je moet alleen wel even nadenken over hoeveel je vastlegt en op welke manier je dat doet. Want soms ga je bakken en moet je heel precies zijn. Maar als je soep maakt dan is dat helemaal niet nodig. Dan heb je alleen een raamwerk van groente, water en bouillon nodig waarop je de soep kunt bouwen.

pan met groenten

facebooktwitterlinkedin

Keukenstress door keuzemogelijkheden

Wanneer Gordon of Harry bij een restaurant komen om het van de ondergang te redden, dan is vaak een van de eerste dingen die ze doen het verkleinen en moderniseren van de menukaart. In plaats van 80 keuzemogelijkheden, nog maar 20 gerechten waaruit de klant kan kiezen. Daardoor hoeft de keuken geen 80 verschillende gerechten meer te kunnen maken en dát levert grote voordelen op.

De mensen in de keuken krijgen de recepten steeds beter onder de knie, waardoor zowel de snelheid als de kwaliteit omhoog gaan. En als de chef een dagje vrij wil, kan de keuken gewoon doordraaien, omdat meerdere mensen in de keuken weten hoe alles bereid wordt. Ook het inkopen wordt makkelijker, want er zijn minder verschillende ingrediënten nodig. En omdat er minder keuzemogelijkheden zijn, kan er beter voorspeld worden hoe elk gerecht gaat verkopen. Dat voorkomt dat er teveel of verkeerd ingekocht wordt, waardoor er ook weer minder wordt weggegooid. Ook klanten krijgen vaak keuzestress van een te grote kaart. Terwijl er, als het een beetje slim bedacht is, altijd wel wat van je gading bij is. Misschien dat er een ingrediëntje meer of minder nodig is om het helemaal naar je smaak te maken, maar dat kan met chef overlegd worden. De slagroom die je op je taart wil, is waarschijnlijk wel in huis!

Voordelen te over dus. En het klinkt ook heel logisch als je dit allemaal in een restaurant doet. Maar deze logica gaat ook op voor andere branches of afdelingen binnen bedrijven. Mensen zijn druk, druk, druk. Met alles en niets. Ze moeten voor Jan een ossenstaartsoep maken, voor Piet twee hamburgers halen bij een bekende fastfood keten en Joris heeft gevraagd om een varend buffet voor 50 man. Er is geen duidelijk werkpakket, geen standaard producten of diensten, geen menukaart waaruit gekozen wordt en dus bedenkt iedereen zijn eigen ideale maaltijd. Degene die het moet uitvoeren mag lekker zelf uitzoeken wat het recept daarvoor is. En als het dan een beetje tegen zit, roept je chef ook nog dat je niet zo druk zou zijn, als je maar de juiste dingen deed…

Maak gewoon een behapbare menukaart. Spreek met elkaar af wat hetgene is dat je levert. En als een klant dan toch een afwijkende wens heeft, dan moet dat even met de chef overlegd worden. Slagroom kost immers geld en als de klant niet meer kan of wil betalen, kan er gekozen worden het niet te serveren.

menukaart

facebooktwitterlinkedin

Roeren? Maar dat staat er toch niet?!

Voor het recept voor Chili-Con-Carne heb ik twee keer een proefkooksessie gedaan. De eerste keer gewoon thuis, met vrienden. Die avond hebben twee vriendinnen allebei het recept gekookt. Het meest verrassende was dat de twee Chili’s heel verschillend smaakten. De ene vriendin had zich netjes aan het recept gehouden, maar de ander kan zelf goed koken en is gewend het allemaal anders te doen. Zij houdt er niet van om recepten te volgen, die heeft ze helemaal niet nodig.

De tweede keer was bij een dagopvang voor autistische jongvolwassenen met een verstandelijke beperking. Zij kunnen alleen koken onder begeleiding en er was er maar één die kon lezen. Wat meteen opviel was dat het op de linkerkant van de pagina zetten van de ingrediënten, met rechts het procesrecept, niet handig was. Daar waar mijn vriendinnen dit wel snapten en het vooral een beetje vol vonden, was dit voor de koks op de dagopvang niet duidelijk. Het lezen in kolommen en het óók begrijpen dat je eerst links de ingrediënten moest lezen en pas daarna met het recept verder moest gaan, was niet duidelijk. Het was fijn om dit te zien en om ervan te leren. De les die ik geleerd heb: als de vorm die je gekozen hebt niet duidelijk genoeg is, moet je hem aanpassen en dat heb ik dus ook gedaan.

Het échte cadeau van deze dag was echter dat het proces onder een vergrootglas werd gelegd. Tijdens het koken kwam ik er achter dat alle instructies letterlijk werden genomen. Als er staat “snij de courgette” dan doe je dat. Als er staat “doe de courgette in de pan,” dan doe je dat ook. Maar als dan er niet staat dat je moet roeren, dan doe je dat niet.

We weten het allemaal. We vullen stappen van onze eigen dagelijkse processen aan in ons hoofd. Dus als jij iets in de pan doet, vul je zelf aan dat je moet roeren. Voor mij was het bijzonder om zo duidelijk te ervaren dat de kennis en ervaring van de persoon die de instructie gebruikt, zo veel effect hebben op wat je moet beschrijven. Voor iemand die goed kan koken is soms het simpelweg volgen van een recept al een uitdaging, omdat het de kok beperkt in zijn/haar creativiteit. En ook zonder recept krijgt zo iemand een prima Chili op tafel. Maar voor iemand die zelf echt niet kan koken is het noodzakelijk dat je iedere stap opschrijft. Want als er niet staat dat je moet roeren, dan ga je niet roeren…pan chili

facebooktwitterlinkedin

Kookwekker

Ik heb en kookwekker in mijn hoofd. Dat ding is er in geslopen toen ik mijn koksopleiding deed. In professionele keukens word niet met kookwekkers gewerkt maar je kijkt wel constant op de klok om te zien hoe laat het is en hoe lang het nog moet. Als ik nu thuis iets in de oven zet, en wel een kookwekker zet, ben ik meestal een halve minuut voor de wekker in de keuken om te kijken of het al klaar is. En als ik geen kookwekker zet, en even vergeten ben dat ik nog wat aan het bakken was, is de wekker in mijn hoofd altijd op tijd.

Tijd is en gek ding. Eigenlijk bestaat het niet, we hebben het zelf verzonnen om grip te krijgen op de wereld om ons heen. Om grip te krijgen op elkaar. Zonder tijd is het lastig om afspraken te maken of dingen te plannen. Tijd is ook een belangrijk onderdeel van de kwaliteitsbeleving van je klant. Of iets op tijd is hangt af van hoe lang hij/zij bereid is te wachten op iets maar ook van de afspraak die je maakt over het moment van leveren.

Daarnaast kan de zelfde wachttijd kan ook heel verschillend worden beleefd. Als je ergens op wacht duurt het altijd lang. Vooral als je niet precies weet hoe lang je nog moet wachten. Wanneer je in een rij staat zonder dat je weet hoe lang het nog gaat duren is dat heel vervelend. Als je in de zelfde rij staat en er staat om de 15 meter een bordje waarop staat hoe lang het nog duurt, is het al een stuk dragelijker. En als die bordjes de tijd dan ook nog eens iets te ruim aangeven ben je aan het einde van het wachten extra tevreden over de wachttijd. Het duurde immers minder lang dan je gedacht had.

Wanneer je een proces inricht is het daarom belangrijk om te kijken naar twee soorten tijd. De tijd die het kost om iets te maken en te leveren en de afspraak die je met je klant maakt.

De productie- en levertijd kan je beïnvloeden. Door het proces handig in te richten kan je een optimale productietijd bereiken. En als je de logistiek daar goed op aansluit kan je naar de klant toe een goede concurrerende levertijd geven. In productieomgevingen wordt hier vaak veel aandacht aan besteed. Bij dienstverlening en ondersteunende afdelingen is dit vaak lastiger. Het proces is vaak minder standaard en de inschatting over wanneer je kunt leveren is vaak lastiger te maken. En vaak wil de klant het liever gisteren hebben dan vandaag. Dan is het extra belangrijk om de verwachting van je klant te managen. Hem te vertellen waar in de rij hij staat en hoe lang het nog duurt. Want je kan je proces nog zo goed ingericht hebben, als je niet communiceert ben je altijd te laat.

kookwekker in hoofd

facebooktwitterlinkedin

Verandering van spijs

Bij het koken neem je een paar ingrediënten, die snij, hak en/of bak je en voor je het weet heb je de ingrediënten veranderd in een lekkere maaltijd. En verandering van spijs doet eten. De meeste mensen houden er van om nieuwe dingen te proberen en nieuwe smaken te ontdekken. Helaas is veranderen buiten de keuken niet zo gemakkelijk. Het is al lastig om iets aan jezelf te veranderen, te starten met regelmatig sporten of te stoppen met het eten van te grote hoeveelheden chocolade. Laat staan dat je een hele groep mensen wilt veranderen. Als je bijvoorbeeld een verandering wil doorvoeren in de inrichting van een organisatie. Of een verbetering van het product of het proces, en daarbij vaak ook de cultuur binnen een organisatie.

Maar verandering is aan de orde van de dag. De technologische ontwikkelingen gaan snel en de maatschappelijke veranderingen die daarop volgen hebben veel impact op ons dagelijkse leven en de organisaties waarin we werken. Hoe je het ook wendt of keert, organisaties moeten veranderen om te kunnen blijven concurreren. Hoe lang zal het duren voordat de food-replicator uit star-Trek een feit is, en we thuis een 3D-maaltijdprinter hebben staan? Ik weet het niet, en ik vraag me af of het lekker en gezond is, maar als ik Unilever was zou ik dat willen weten. En niet alleen op het gebied van producten gaan de ontwikkelingen snel. De arbeidsmarkt verandert en de manier waarop organisaties samenwerken en zich organiseren ook. Het is niet meer de standaard om 40 jaar bij het zelfde bedrijf het zelfde trucje uit te voeren. Door de vrijheid van kennis op internet (kijk voor de grap eens op http://www.instructables.com/id/3D-Printed-Rock-Candy) en bijvoorbeeld crowdfunding, kunnen kleine bedrijven of zelfs eenlingen concurreren met grote bedrijven op het gebied van innovatie. Ook grotere bedrijven zullen zich moeten aanpassen om succesvol te blijven.

En van de medewerkers in bedrijven worden ook andere dingen gevraagd. Een vaste werkplek is op veel plekken niet meer standaard, werkzaamheden veranderen en ook de manier van samenwerken moet anders. Oftewel, of je het nu leuk vindt of niet, verandering is niet meer weg te denken. En om het dan toch even wel leuk te maken, hierbij een leuk experimentje voor explosieve verandering:

Neem 100 gram suiker en 3 eetlepels water. Doe dit in een steelpan, zet deze op laag vuur en laat de suiker smelten. Na een minuut of 5 begint de suiker te kleuren. Doe zodra de karamel de kleur van honing heeft een eetlepel bakpoeder in de pan en roer het snel met een garde. Kijk hoe alles begint te schuimen.

Als je de pan snel genoeg van het vuur haalt – zodat het niet verbrand of helemaal overkookt – kan je het uitgieten in een platte schaal die is bekleed met bakpapier. Even laten afkoelen en smullen maar van deze brosse honeycomb!!!

honeycomb overgekookt

facebooktwitterlinkedin

Geldboom

Vanmorgen stond er opeens een geldboom voor het raam van mijn kantoor. Ik weet niet wie er briefjes van 50.000 Euro in de kastanjeboom gehangen heeft, maar leuk is het wel. Vooral ook omdat de mensen die hier op het plein rondlopen het niet zien. Er hangen honderdduizenden euro’s boven hun hoofd, en ze zien het niet eens.

Zo is het ook een beetje met de kosten van projecten en procesmanagement. IT-projecten en verbetertrajecten, we weten dat er geld boven je hoofd hangt, maar hoeveel je gaat uitgeven is vaak lastig in te schatten. En wat het oplevert is meestal nog moeilijker te bepalen. Er staan vaak “zachte” baten ten opzichte van de harde Euro’s die je uitgeeft.

 Of het spenderen van je geld de moeite waard is hangt af van wat je wilt bereiken. Wat je doel is. Ik weet niet wie de euro’s in de boom heeft gehangen, en wat hij/zij ermee wil vertellen. Is het een protest tegen het een of andere geldverslindende plan van de gemeente? Is het kunst? Ik kan het niet vinden dus veel publiciteit heeft het nog niet gekregen maar het zal niet speciaal voor mij gedaan zijn om inspiratie op te doen voor dit verhaaltje.geldboom 1geldboom 2

facebooktwitterlinkedin

Geef je doelen smaak

Ik merk tijdens het schrijven (zie Over Proceschef) dat ik steeds terug kom op het doel. Waarom ben je iets aan het doen, wat wil je bereiken, waar wil je naartoe? Want pas als je doel duidelijk is kan je de keuzes die je moet maken toetsen aan het grotere geheel. In een project zijn er dagelijks keuzes die gemaakt moeten worden en als je geen beeld hebt van het grotere geheel, het doel, dan weet je niet of de keuzes die je maakt je de juiste richting op helpen.

Tot ik mij realiseerde dat ik echt een diepgaande hekel heb aan het opschrijven van doelen. Niet aan het hebben van doelen, maar aan het formuleren ervan. Waarom? Omdat die verrekte dingen zogenaamd “smart” moeten zijn. Ik heb al vele malen op doelen zitten puzzelen omdat ze Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden moesten zijn. En waarom? Omdat er dan aan het eind van het project gemeten kan worden of de doelen behaald zijn. En omdat er gemeten gaat worden kan je er maar beter voor zorgen dat ze acceptabel zijn voor iedereen en dat het realistisch is dat je ze ook gaat halen.

Kan smaak gemeten worden? Ja, er zijn laboratoria die dat met behulp van een massaspectrometer doen. Op basis van overeenkomende moleculen in ingrediënten wordt voorspeld of ze lekker bij elkaar zijn. Een soort smart maken van smaak dus. Omdat de ingrediënten volgens de meting bij elkaar passen kan het samen een fantastisch gerecht worden. O, en omdat het aantal juiste moleculen op een specifieke temperatuur het grootste* is moet de chocolade koud zijn en de schimmelkaas warm. En als we dan toch bezig zijn, een goed nagerecht moet ook zoet zijn en er moet iets knapperigs bij zitten. En het moet tussen de 145 – 155 gram wegen, mag zeker niet meer dan 350 calorieën bevatten (meer is echt niet acceptabel) en het moet in 15 minuten te bereiden zijn. Wordt ik hier enthousiast van? Nee! Ik wordt enthousiast bij het idee van het combineren van de twee ongewone smaken, ik wil experimenteren, kijken hoe ze het beste bij elkaar passen. Hoe ik er een fantastisch toetje van kan maken. Maar zodra “fantastisch” meetbaar en acceptabel gemaakt wordt, denk ik “laat maar ik neem wel yoghurt”.

Daarom, maak doelen met smaak!

Simpel: Beschrijf het doel zo simpel mogelijk. Je wilt dat je doelen begrepen worden.
Mmmmmmm: Denk na, reflecteer, fantaseer, droom. Voel het doel. Zorg dat het in je hoofd lekker wordt.
Ambitieus: Een gemakkelijk te halen doel is minder leuk om aan te werken en het geeft minder voldoening als je het gehaald hebt.
Activerend: Je moet aan de slag met doelen. Daarom is het handig als het doel er voor zorgt dat je er ook mee aan de slag wil.
Kraakhelder: Zorg er voor dat je doel kraakhelder is. Je hoeft niet per se te meten om te weten of je doel behaald is maar aan het einde wil toch wel weten of je het gehaald hebt. Hoe helderder je doel, hoe gemakkelijker dat is.appel smaak

P.S. Ik ben niet de eerste die de kriebels krijgt van smart. Kijk ook op http://www.markensteijn.com/smart.htm voor fuzzy doelen of op http://www.raamstijn.nl/eenblogjeom/index.php/categorie-1/870-op-zijn-rijnlands-smart-met-bart-stofberg voor smartt doelen (Ik heb ambitieus hier geleend).

* Dit is natuurlijk onzin.

 

facebooktwitterlinkedin

Theory of constraints in de keuken

Het recept voor de kip met morieljes was een van de lastigste recepten om goed te krijgen. Het vraagt planning tijdens het koken en doordat je verschillende onderdelen hebt en in het recept moet je schakelen tussen de kip, de broccoli, de aardappels en de saus. Dit vraagt timing omdat je wel alles tegelijkertijd warm op tafel wilt zetten.

In productieomgevingen wordt deze afstemming vaak bepaald door de “Bottleneck”(Theory of constraints, Goldratt). Deze bottleneck is het productiemiddel dat het ritme van de productie bepaald. Vaak omdat deze het minste capaciteit heeft maar het kan ook zijn dat het meerdere keren in het proces nodig is. Voor het proefkoken van de kip was mijn fornuis de bottleneck. We kookten het recept met twee mensen waardoor er 6 pitten nodig zijn (twee keer kip, aardappelen en broccoli) en ik heb maar vier pitten. Om dat op te lossen had ik grotere pannen kunnen gebruiken zodat je een dubbel recept in één pan kookt, maar dan zijn de pannen zo groot dat er maar twee op het fornuis passen. Ik had ook de volgorde kunnen aanpassen (bijvoorbeeld door de broccoli eerst te blancheren voordat je de kip bakt zodat die daarna aan het eind alleen nog maar een minuutje opgewarmd hoeft te worden), of andere productiemiddelen kunnen inzetten (stoomkoker voor de broccoli, oven voor de kip). Ik had zelfs het recept kunnen aanpassen (sla is ook lekker). Uiteindelijk heb ik de productiecapaciteit van de bottleneck uitgebreid, en de aardappelen bij de buren gebakken. Het belangrijkste is dat de bottleneck gedurende het proces continue in gebruik is. Ik heb het fornuis nodig om alles gaar te krijgen dus als het fornuis niets doet, wordt er ook niets gaar.

Bottlenecks kunnen in de tijd veranderen. Door een bottleneck weg te nemen kan je een nieuwe creëren. Als we de kip in de oven hadden gebakken was de appel-crumble voor het toetje te laat geweest. Dan was de oven de bottleneck geworden voor het totale proces van hoofd en nagerecht.

Bottlenecks kunnen overigens net zo goed voorkomen in een dienstverlenende organisatie of bij ondersteunende afdelingen. Het hoeft niet per se een machine te zijn die de beperking geeft. Het kan ook de capaciteit aan mensen voor een bepaalde taak zijn of een regel die er voor zorgt dat het proces niet goed doorloopt. Denk aan de handtekening van de directeur. Zelfs als die elke ochtend alle brieven ondertekent kan het proces tot een dag langer duren dan nodig. En het is meestal niet zo dat alles gelezen wordt. De directeur vertrouwt meestal op de mensen die de brieven gemaakt hebben en tekent (bijna) blind. Is het dan niet veel slimmer om het ondertekenen over te laten aan de mensen die de brief gemaakt hebben? Wat is het doel van het tekenen door de directeur. Waarom een bottleneck creëren als de activiteit die erbij hoort weinig toegevoegde waarde heeft?

bord kip broc aard

facebooktwitterlinkedin