PDCA v.s. CAKE

Als ik een cake bak dan doe ik meestal maar wat. Dat zou ik eigenlijk niet moeten doen want bakken is een precies werkje dat je eigenlijk goed moet plannen. Je moet je ingrediënten wegen, op kamertemperatuur laten komen, de oven voorverwarmen en voor het beste resultaat de ingrediënten in een bepaalde volgorde verwerken. Ik doe dat niet. Ik klop eerst het ei, mik daarna de koude boter erbij waardoor de boel gegarandeerd in de schift raakt om er vervolgens uit de losse pols meel bij te gooien tot het weer uit de schift komt. En gek genoeg, als ik de oven maar niet te heet zet, komt er dan meestal toch een prima cake uit. Ok, eerlijk is eerlijk, ik check als hij in de oven staat wel of de cake goed rijst en niet te snel donker wordt. Als dat gebeurd pas ik de temperatuur van de oven aan en als het echt niet goed gaat plan ik het voornemen om me de volgende keer toch echt aan het recept te houden.

Plan-do-check-act, de Demingcirkel, een belangrijke tool in managementland. En terecht, want met behulp van de Demingcirkel kan je continue verbeteren.

Tenminste, als je meetinstrumenten goed werken. Als je weet hoe je gaat bepalen of je acties tot het juiste resultaat hebben geleid. En daar zit vaak het probleem. Hoe meet je cultuurverandering of persoonlijke ontwikkeling. Als je je in allerlei vormen moet persen of heel veel tijd moet investeren om je doel SMART en meetbaar te maken (zie ook “Doelen met Smaak”) dan is het ook een optie om niet te meten of het gelukt is. Zeker als je eigenlijk geen meetbare werkelijkheid van de huidige situatie kan maken. Dan is de kans groot dat tegen de tijd dat je weer bij het meten bent aangekomen, je ook dan niets kan meten of verkeerd meet. Zijn dan alle maatregelen die je genomen hebt voor niets geweest. Is er dan niet(s) verbeterd? Misschien wel, en misschien niet. En de grap is, zelfs zonder te meten weet je het antwoord meestal wel.

Ik kan, ondanks dat ik maar wat doe, toch een lekkere cake maken doordat ik ervaring heb met bakken. Die ervaring zorgt er voor dat ik aan het beslag kan zien, horen en voelen dat het goed is. Ook laat ik altijd de deur van de keuken open staan als ik bak. Hoewel het zeker geen exacte wetenschap is kan ik ruiken hoe het met de cake gaat, of hij al bijna gaar is of juist iets te zwart wordt.

Waarom kan dat thuis wel als je een cake bakt. Niet exact meten, maar je zintuigen en ervaring inzetten om te bepalen of iets wel of niet het gewenste effect heeft. Om te kijken of je doel al gehaald is of dat je moet bijsturen en nieuwe plannen moet maken? En waarom kan dat in een organisatie dan niet? Er lopen in organisaties stapels mensen rond. Die allemaal ogen en oren hebben. Die op basis van ervaring en intuïtie weten hoe het ervoor staat. Maak gebruik van die mensen, vertrouw op hun oordeel. Grote kans dat je daarmee bijna net zulke goede informatie krijgt als met een uitgebreid meetprogramma. En wees niet bang om geen perfecte cake te bakken, de meeste mensen kunnen het verschil toch niet proeven.

pdca1

facebooktwitterlinkedin

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *